• contrast
  • lettergrootte
    Om de pagina makkelijker te lezen kunt u de pagina vergroten, door in Windows Control met + toets in te drukken (op macOS is het Command met + toets).

Waar kunnen wij jou mee helpen?

Veelgebruikte zoektermen

Als een begeleider vertrekt: “Het voelt alsof iemand het uitmaakt, houdoe en bedankt.”

De band tussen bewoner en begeleider is ontzettend bijzonder. Je bouwt samen aan een relatie en investeert in vertrouwen en veiligheid. Je kunt met elkaar lachen en huilen. En dan… komt er een andere kans voorbij op het pad van de begeleider. Afscheid. Emoties. Nieuwe gezichten. Gerard zette op papier wat hij voelde toen coördinerend begeleider Dorrit op een andere locatie ging werken. Rake, kwetsbare woorden, die een mooi gesprek op gang brachten. In dit verhaal lees je hoe zij hun ervaringen delen, nieuwe inzichten opdoen en hardop nadenken over wat bewoners en begeleiders mogen leren over rouw. 

 

 

Gerard en Dorrit ontmoeten elkaar in het appartement van Gerard. Ondanks de emotionele achtbaan waar ze de afgelopen maanden in zaten, is het een warm weerzien. Je kunt merken dat deze twee elkaar goed kennen en bereid zijn om open in gesprek te gaan. Het raakt hen allebei om samen terug te blikken op het vertrek van Dorrit. Er wordt met aandacht naar elkaar geluisterd. Bovendien is er ruimte voor een kritische noot, voor eerlijkheid én voor een grapje.

 

Hoe Dorrit haar nieuwe baan eerst wegklikte

Dorrit werkt al meer dan 25 jaar bij Cello. De afgelopen vijf jaar werkte ze als coördinerend begeleider op de Schoolstraat in Berlicum, waar ze Gerard ontmoette. Eerder dit jaar maakte ze de overstap naar de sociale ondernemingen van Cello. Maar dat ging niet vanzelf. “Wat ik bewoners altijd meegeef is dat als je een wens hebt, dat je naar de mogelijkheden moet kijken. Misschien kan het gewoon! Dat is iets wat ik zelf ook heel belangrijk vind. Ik wil me blijven ontwikkelen en nieuwe dingen leren in mijn vak. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Toen ik de vacature voor mijn huidige rol voorbij zag komen, heb ik die eerst weggeklikt,” vertelt Dorrit. “Ik voelde een nieuwsgierige kriebel, maar ook meteen twijfels. Je wilt mensen niet in de steek laten en zo voelt het wel. Zelfs als je er alleen nog maar aan dénkt om ergens anders te gaan werken.”

 

Buikpijn van een dubbel gevoel

Dat dubbele gevoel bleef. “Je bouwt heel veel op met bewoners. Zij stellen zich kwetsbaar op, je deelt dingen met elkaar en de relatie is een voorwaarde om fijn te kunnen wonen. Ik besefte me dat ik dat zou doorbreken door ergens anders te solliciteren. En tegelijkertijd wilde ik mezelf en mijn gezin ook niet tekort doen. Ik zou bijvoorbeeld geen slaapdiensten meer hoeven draaien. Het speelt allemaal mee in je hoofd.” Toch belde ze met de coördinerend begeleider over de vacature en werd haar enthousiasme aangewakkerd. Ze ging in gesprek, mocht een dagje meedraaien en kreeg de baan.

 

Anderen niet belasten

“Ik vond het verschrikkelijk om te moeten vertellen dat ik wegging, dat gun je bewoners niet. Het doet voor alle betrokkenen pijn om iets los te laten wat veilig en vertrouwd voelt.” Bewoners wilde ze liever niet belasten met haar buikpijn. “Achteraf vond ik het heel pijnlijk om te lezen dat Gerard mijn vertrek ook op zichzelf betrok. Ik heb bij mijn afscheid niet mijn héle proces gedeeld, omdat ik mijn struggles en emoties niet bij de bewoners neer wilde leggen. Maar misschien had ik daarin meer van mezelf mogen laten zien.”

 

Houdoe en bedankt

Gerard bevestigt dat hij de aankondiging van Dorrits vertrek inderdaad anders heeft ervaren. “Het lijkt alsof het een hele makkelijke beslissing was. Voor jou is het een werkplek, maar voor mij is het mijn thuis. Het voelt net alsof iemand het uitmaakt, houdoe en bedankt!” Een nieuw iemand binnenlaten is voor Gerard niet vanzelfsprekend. “Als ik nu ga kennismaken met een nieuwe begeleider, doen we dat samen met de oude begeleider, gewoon aan de keukentafel. Ik wil iemand best binnenlaten in mijn appartement, maar mijn hart moet je verdienen. Die band krijg je pas na anderhalf jaar als je samen wat meer hebt meegemaakt.”

 

Hij geeft een inkijkje in de plek die een begeleider inneemt in zijn leven. “Ze zijn voor mij heel dichtbij, als familie. Je deelt kwetsbare momenten, zoals geruststelling als je een nachtmerrie hebt gehad bijvoorbeeld.” Dorrit vult aan: “We zijn onderdeel van het support systeem, een veilige haven om even bij in te checken. We steunen bewoners ook om voor zichzelf op te komen, juist richting familie of vrienden. We praten dan over wat wel kan en wat niet, als een soort kompas.”

 

Het hele team als veilige haven

Gerard vertelt dat er in zijn appartementencomplex kort na elkaar begeleiders vertrokken. “Dat waren mensen waarmee ik echt een band had en die mijn ouders ook goed kenden. Toen Dorrit óók nog wegging, kreeg ik echt een knauw en dacht ik ‘ik laat nooit meer iemand toe, want ze gaan toch weer weg.’” Dorrit beaamt dat dit een lastige periode was. “Door verschillende omstandigheden vertrokken er vier begeleiders in korte tijd. Je wilt met een team bouwen aan een netwerk dat niet wegvalt. Een gevarieerd team, zodat je bij iedereen kunt aansluiten. Daarom deel je kennis en ervaring en draag je het vangnet samen. Dat doet niet alleen de persoonlijk begeleider.”

 

De magie van de zorg

Wanneer voelde Dorrit voor het eerst welke plek ze innam in het leven van een cliënt? “Toen ik mijn opleiding deed, had ik nog niet het gevoel dat je echt in iemands leven stapt. Dat kwam pas toen ik een aantal jaar op een woning werkte. Het zit in kleine dingen, zoals het besef dat mensen zich veilig voelen bij jou. Ook al kunnen ze dat misschien niet vertellen. Ik draag herinneringen in mijn hart aan alle mensen die ik heb mogen leren kennen in mijn werk. Dat is de magie van de zorg. Het brengt me zingeving en waardering om die veilige haven te mogen zijn. Maar als dat stopt, is het dus ook extra naar.”

 

Rouwen, hoe doe je dat?

Gerard: “Bewoners hebben ‘er maar mee te dealen’ dat er mensen weggaan. Voor mij hielp het om erover te praten en een brief te schrijven. Maar ik zou best meer willen leren over omgaan met dit soort dingen. Er is van alles over zelf de was doen, social media of drugs maar niks over rouw.” Dorrit ziet dat thema ook terug. “Rouwen gaat niet alleen over de dood. Afscheid van een begeleider is ook rouw en dat is voor begeleiders essentieel om rekening mee te houden. Iedereen rouwt op zijn eigen manier. Naast terugblikken op de leuke momenten moeten we daar wel ruimte voor maken. Ik wilde mijn eigen rouw verstoppen omdat ik die van cliënten voorop zette. Maar uiteindelijk is het ook voor mij belangrijk om het een plekje te geven. Dit gesprek helpt daarbij.”

 

Doe het met aandacht

Hoe je als begeleider omgaat met een naderend vertrek, vraagt grote zorgvuldigheid. Dorrit: “Wees duidelijk in je verhaal en denk na over de verwachtingen van bewoners. Zeg bijvoorbeeld niet ‘ik kom nog een keer op de koffie’ als je dat niet gaat doen. Mensen zeggen zoiets omdat het moeilijk is om weg te gaan, maar je schept daarmee ook verwachtingen.” Gerard zegt daarover: “Het is wel eens gebeurd dat iemand die belofte niet nakwam en dat was heel pijnlijk voor ons. Zeg dan gewoon dat je niet weet waar je aan kunt voldoen.”

 

En voor begeleiders die ergens starten heeft Gerard nog een advies: “Als je ergens nieuw binnenkomt, geef in ieder geval netjes een hand en stel jezelf voor. Vertel iets over jezelf, stel jezelf open. Ik vind het belangrijk dat een nieuwe begeleider initiatief neemt en op zoek gaat naar een klik met bewoners.” Hij hoopt ook dat begeleiders altijd starten met het voornemen om langer te blijven. “Wij bewoners geven ons hart en zaligheid aan begeleiders, andersom verwacht ik dat ook. Voordat je ergens gaat werken, besef je welke plek je gaat innemen. En doe dat met aandacht.”